Oog voor elkaar

In een serie artikelen besteedt de Dukenburger aandacht aan activiteiten die inwoners met elkaar verbinden. Voor en tijdens 50 jaar Dukenburg is het netwerk “Oog voor Elkaar” ontstaan. Dat netwerk brengt door concrete activiteiten bewoners bij elkaar en verbindt hen met allerlei initiatieven en instanties dicht bij huis in Dukenburg.

Mantelzorg, steeds meer mensen van alle leeftijden krijgen hiermee te maken. En dat aantal groeit door. Volgens het kenniscentrum voor Verpleging en Verzorging “Zorg voor Beter” geeft in Nederland ruim een derde van 16-jarigen en ouder op een of andere manier informele hulp, zoals mantelzorg officieel genoemd wordt. In heel Nederland’ gaat het om 5 miljoen mensen. Vertaal dit getal ruwweg naar Dukenburg, dan gaat het om bijna 8.000 mensen, die in ons stadsdeel op een of andere manier met mantelzorg bezig zijn. Niet voor niets zijn hier dan ook diverse mantelzorg organisaties actief. Er is veel informatie op internet te vinden maar door fusies van organisaties of nieuwe initiatieven voor Mantelzorg verandert deze informatie voortdurend.

Deze keer Anita Rossen, vestigingsmanager van “Saar aan Huis” regio Nijmegen.

Met een hartelijke ontvangst in de beheerders ruimte onder flat Vijverhorst aan de 17e straat Meijhorst ontmoeten we Carlo Peters. Carlo was al eerder huismeester/wijkbeheerder in Meijhorst. Hij is nu terug en houdt toezicht op de leefomgeving waarbij contacten met bewoners voorop staan. Ook heeft hij regelmatig contact met de Dar, wijkagent en bureau Toezicht. Er heeft nu wisseling van beheerders plaatsgevonden mede door het wegvallen van enkele collega’s in verband met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Carlo en zijn collega’s hebben nog steeds een grote werkdruk omdat nog niet alle vacatures zijn ingevuld. Er zouden voor een goed bereik acht ‘beheerders leefomgeving’ in Nijmegen moeten zijn, maar diverse plekken zijn nog niet ingevuld. Inmiddels is men wel nieuwe beheerders aan het inwerken. Carlo is naast Meijhorst en Tolhuis ook actief in de Grootstal en Nijmegen Noord. Een groot gebied dus die zijn zorg en aandacht vereist. Toch zal hij elke dinsdag- en vrijdagmorgen, van 7 tot 12 uur, in Dukenburg bereikbaar zijn. Ziet men hem in het beheerderskantoortje, op Meijhorst 17-70, dan kan men altijd aankloppen. Nog beter is om een afspraak te maken zodat hij de tijd kan vrijmaken voor een goed contact. En dan hoeft dat niet op bovenstaande tijden!

Carlo is te bereiken via mail; Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of telefonisch via: 088-767 82 25

Bericht oktober 2021

Er kan steeds meer, maar waar blijven de vrijwilligers?

Oliebollen bakken in de Horizon en op de Klaasmarkt.

Er komen betere tijden aan. Na maanden lockdown, zonder activiteiten, kunnen we er weer op uit. En daardoor gemakkelijker voor elkaar iets betekenen. Oog voor elkaar hebben is ‘live’ zoveel plezieriger dan online, hoor je vaak. De redactie maakt een rondgang door Dukenburg om te zien of ontmoetingsactiviteiten inderdaad weer op gang aan het komen zijn. In dit artikel een kort overzicht van de stand van zaken. Het beeld is divers. De herstart van vroegere activiteiten blijkt langzamer te gaan dan eerst gedacht. Maar er zijn wel nieuwe initiatieven. Een overzicht.

Opbouwwerker Pieter Pelser maakt zich zorgen of vrijwilligers hun werk van vóór de coronacrisis weer kunnen of willen hervatten.

Mariël Scholtens en Pim de Ruijter

Het voorjaar lokt. Stip Nijmegen-Dukenburg stelt onder andere via sociale media de vraag of je zin hebt om te gaan wandelen, om onderweg een praatje te maken of tegelijk een vraag te stellen? De maatjes om mee te gaan wandelen zijn Pim, Pieter, Germa en anderen.

Carolien Scholten en Germa Bongers van Stip Dukenburg: “We zijn al met een aantal bewoners gaan wandelen. Als je wandelt kom je vaak gemakkelijk in gesprek. Naast gezellig kletsen over van alles en nog wat hebben we ook wat vragen kunnen beantwoorden.” Zo kunnen het gesprekken zijn over activiteiten in de wijk, vrijwilligerswerk maar ook opvoedingsvragen. Maar je hoeft geen vragen te hebben voor een wandelpraatje. Ook als het je gewoon leuk lijkt om een stukje met ons te wandelen spreken we graag met je af. “Het gaat vaak over wat allemaal niet kan in deze coronatijd, maar gelukkig kunnen we wel met elkaar wandelen”, vertelt Germa.

Opbouwwerker Pieter Pelser

Pieter vertelt dat een wandelpraatje met een van de werkers in Dukenburg over van alles kan gaan.

In een serie besteedt De Dukenburger aandacht aan activiteiten die bewoners met elkaar verbinden. Bij het vieren van ‘50 jaar Dukenburg’ is ‘Oog voor elkaar’ ontstaan. Dat netwerk brengt door middel van concrete activiteiten bewoners bij elkaar en verbindt hen met allerlei initiatieven en instanties in Dukenburg. Een belangrijke schakel in al die verbindingen zijn de ‘sociaal’ wijkbeheerders van de woningcorporaties. We willen hier drie sociaal wijkbeheerders voorstellen die in Dukenburg, naast hun basistaken, bewoners helpen met dit verbinden. We spreken met Sam Bogers van Talis, Lana Navest van Woonwaarts en Niels Otten van WoonGenoot.

Talis

Met een kop thee en aan de andere kant van de grote tafel Talis-wijkbeheerder Sam, had de redacteur het eerste gesprek. Hij was de enige bezoeker in het buurtkantoortje in Meijhorst, de coronaregels zijn immers streng. Sam Bogers is sinds oktober 2020 ‘sociaal’ wijkbeheerder van de woningcorporatie Talis in de wijken Meijhorst en Tolhuis. Opgegroeid en naar school gegaan in Nijmegen is de achtentwintigjarige Sam een echte Nijmegenaar. Sam werkte al anderhalf jaar bij de klantenservice, ‘afdeling welkom’ van de woningcorporatie. Hij is dus al goed bekend met veel wat er speelt. Toch zag hij in een baan de hele dag achter een beeldscherm geen toekomst. Maar de gedachte te gaan solliciteren bij de politie werd snel omgezet toen er intern bij Talis een vacature voor wijkbeheerder vrijkwam.

De contacten met bewoners, met mensen is wat hem het beste ligt. Geen vergelijk met het werken vanachter een beeldscherm. Het onbevooroordeeld met iedereen in gesprek gaan levert het meeste op, geeft hij aan. Mensen voelen snel dat ze gelijkwaardig behandeld worden en dat krijg je terug. “Ik ben van maandag tot en met donderdag in de wijk. Wanneer ze zien dat ik in het kantoor ben mogen ze aankloppen”, vertelt Sam. “Voor de rest kunnen ze een mailtje sturen of inspreken mocht ik niet kunnen opnemen. En dan maken we zo nodig een afspraak.”